D-Fectuoso

“Hasta el monstruo más feo, tiene su encanto”.

Zelfs het lelijkste monster, heeft zo z’n charme.

De leukste one-liner van één van mijn Mexicaanse lievelingsfilms. Het monster slaat niet op een persoon of dier, maar op het allergrootste monster van de negen miljoenensteden dat Mexico rijk is: Mexico stad. Ook wel afgekort tot DF (Distrito Federal, fonetisch uit te spreken als [d-efe]. Volgens goede Mexicaanse traditie wordt deze saaie afkorting omgetoverd tot het creatievere en treffende defectuoso. 

Wonen in Mexico stad is wonen in een schizofrene wereld waar arm en rijk, schoonheid en aftandsheid, elkaar in een rap tempo afwisselen. Ik verbijster me over de contrasten en de relatieve relaxedheid van de hardwerkende mensen in – een rijke en bevoordeelde wijk van – de grootste stad op het Westelijk halfrond. Over de sporen die de Azteken, Spanjaarden en Mexicanen hebben achtergelaten en nog steeds achterlaten in de Vallei van Mexico. Het contrast had niet groter kunnen zijn. Wolkenkrabbers, metrolijnen, krottenwijken, drukke verkeersaders, luxe wijken en winkelcentra, en allerlei bedrijfjes en winkeltjes staan op de plek waar tot begin 16e eeuw het Texcoco meer lag. Deze is in opdracht van de Spaanse kolonisten beetje bij beetje drooggelegd vanaf begin 16e eeuw. Zie daar het begin van de ontstaansgeschiedenis van het moderne en van tijd tot tijd charmante monster.

Mijn standplaats is Roma (Norte), geboortewijk van de Mexicaanse regisseur Alfonso Cuarón wiens gelijknamige film een lust voor oog en oor is. De wijk is inmiddels één van de hipste plekken om te wonen. De wijk werd aan het begin van de 20ste eeuw gebouwd aan de rand van de stad voor de groeiende welvarende bevolking die het verpauperende centrum wilde ontvluchtte. De stad telde toen zo’n half miljoen inwoners. In meer dan een eeuw is het bevolkingsaantal dus verzestienvoudigd, als je alleen de stadsinwoners rekent, en verveertigvoudigd als je ook de voorsteden meerekent.

Na een eeuw tijd ligt de wijk heel centraal. Met een wandeling van een uur kom je uit bij het indrukwekkende centrum van Mexico: het hoofdplein dat de kathedraal en het presidentieel paleis huist. Als je je ogen sluit, de autogeluiden wegdenkt, niet luistert naar de Westerse talen om je heen, en je de tekeningen voor de geest haalt van de Azteekse hoofdstad Tenochititlan, dan kun je je een heel klein beetje teletransporteren naar die tijd. Zonder een dergelijk inbeeldingsvermogen kun je met je ogen geopend de overgebleven ruïnes aanschouwen – van wat ooit de belangrijkste spirituele tempels voor de Azteken waren. Deze staan, of beter gezegd liggen, onder en naast de grootste kathedraal van het Amerikaanse continent. Deze is op de Azteekse tempels gebouwd en gedeeltelijk met de stenen van diezelfde tempels. Een fascinerende maar ook tragische samenkomst van twee werelden, dat het tijdperk inluidde voor de moderne Mexicaan.

De wijk Roma lag tijdens de kolonisatie aan de rand van het meer Texcoco, dat met een oppervlakte van 5400 km² een groot deel van de Vallei van Mexico besloeg. De ontginning van het meer zorgde voor daling van de grond in grote delen van de metropool. In die gebieden, waaronder Roma, zijn de consequenties van aardbevingen desastreuzer dan in andere gebieden die een andere ondergrond hebben.

De lege vlakte naast mijn appartementengebouw en het betonnen gebouw aan de overkant dat gevaarlijk naar links leunt, vertelden mij genoeg toen ik op mijn eerste huurdag kennis maakte met mijn nieuwe straat en appartement. De beelden van de hevige aardbeving van september 2017 hielpen niet om laconiek de risico’s weg te wuiven. De scheur in de muur van de woonkamer gek genoeg ook niet.

Als miljoenen Mexicanen dat risico moeten lopen en gewoon doorgaan met hun leven, dan kan ik dat toch ook gewoon? Nu dacht ik dat aanvankelijk misschien niet. Maar dat is wat ik mezelf probeer voor te houden. De gesprekjes die ik voer met de vrouwen van de papeleria in de straat voorzien me van de laatste stand van zaken op aardbevingsgebied,  naast de kopietjes. ‘Heb jij iets gevoeld vanochtend toen het alarm afging?’, werd me laatst gevraagd, waarbij ik moest antwoorden dat ik het alarm geeneens had gehoord. Dat was best een beetje verontrustend. De praatgrage vrouw werd een moment later gebeld door haar vader, die elders in de stad woont, en na elk alarm belt om te kijken hoe het met zijn dochter is. De schrik zit er behoorlijk in na de aardbeving van 2017. En bij mij eigenlijk ook. De twee keren dat ik het alarm af hoorde gaan, was ik thuis. Beide keren voelde ik niets, behalve angst om niet op tijd de trappen af te komen. Met gemiddeld 50 seconden winst tot de aardbeving de hoofdstad bereikt, en de wetenschap dat het alarm alleen afgaat bij aardbevingen die mogelijk grote schade kunnen aanrichten, is dat een gegronde angst. Een snelle check bij het Mexicaans Seismologisch Instituut levert het schrikbarende getal van meer dan 30.000 aardbevingen in 2018 op. Een land in beweging, zowel boven als onder de grond.

Er is echter veel meer te vertellen over de wijk en het leven in Mexico stad dan enkel de aardbevingen. Hoewel ik een beetje afknap op de universele hipheid, die je in elke moderne stad vindt, ben ik blij verrast dat de wijk ook nog een heel authentiek Mexicaans karakter heeft. Als financieel en cultureel centrum van Latijns Amerika is in de stad de mexicaniteit van de mensen, zelfs in de dure en hippe wijken, niet van de straten weg te denken.

Tussen de hippe café’s en eettentjes, hipsters vanuit heel Mexico en de wereld, glutenvrije bakkerijen, trimstudio’s voor honden, yoga studio’s, massagesalons voor de overwerkte rijke hoofdstadbewoner, ook nog cocinas economicas zijn, waar je met een beetje geluk voor drie euro een gezonde en typisch Mexicaanse warme lunch kunt nuttigen. De kleine buurtsupers voor de wekelijkse aanschaf van 20 liter waterkannen en beltegoed. De tortillerías, voor de dagelijkse bevoorrading van handgemaakte maistortillas. De ferreterías, kleine ijzerhandels die vaak bomvol staan met (oud) ijzer en zo kenmerkend zijn voor het straatbeeld in Mexico. Daar bovenop wordt de wijk ook nog gewoon bezocht door luidruchtige en vrolijke vuilnismannen die bovenop de wagen uitrusten en grappen maken. Ze worden afgewisseld door de gasmannen, die nog luidruchtiger dan de eersten, gasflessen verwisselen en hun diensten aanbieden met een hoog fluitje en schril marktkoopmangeschreeuw.

In deze categorie valt ook de fietsende tamalesboer. Deze typische (precolombiaanse) Mexicaanse gekookte maissnacks worden in een grote pan op een fietskarretje vervoerd en warm gehouden. “Lekkere en overheerlijke tamales uit Oaxacaaaaa, warme tamales” (en dan op repeat). Ik had toen nog geen idee dat ik de stem elke avond een paar keer zou horen, rond de tijd dat vele (Mexicaanse) buurtbewoners nog eens over hun buik wrijven en zich bedenken of ze nou wel of niet een warme hap naar binnen moeten werken zo vlak voor bedtijd. Ook de verkoper van camote, zoete aardappel nog zoeter gemaakt, doet steevast zijn rondje in mijn buurt. De eerste keer dat ik het hoorde, schrok ik en dacht ik dat Sinterklaas net was aangekomen in een veel te oude stoomboot. Het provisorische karretje van aluminium maakt een hels en schel kabaal op het moment dat de rook uit de wiebelige pijp komt. Het is een geluid dat niet meer veel te horen is in Mexico. Maar nog wel in de hipste(r) wijk van Mexico stad!

De relatieve welvarendheid van de wijk wordt gedragen door de Mexicaanse vrouwen en mannen die veelal uit dorpen en steden naar de stad zijn getrokken op zoek naar inkomen en kansen die ze in hun geboortestreek niet of moeilijk kunnen vinden. De trek van dorpen en het platteland naar grote steden is gigantisch in Mexico: 50 % van de 132 miljoen Mexicanen woont inmiddels in één van de 55 grote steden. Ze maken schoon in de luxe (en de minder luxe) appartementen, vegen de straten schoon, verkopen snoep en sigaretten op straat, maken het eten in de dure en hippe tentjes en stoppen je boodschappen in gratis plastic zakjes in de supermarkt, of je wilt of niet. Deze hardwerkende en over het algemeen goedlachse Mexicanen stellen zich bescheiden op en laten niet snel van zich horen. Zo ook Elly, die elke week een middag schoonmaakt in ons appartement. Ik kom graag meer te weten over het leven van deze lieve hardwerkende vrouw die elke week mijn bed strak heropmaakt nadat ik daar volgens haar duidelijk niet in geslaagd ben.

Haar bescheiden en verlegen karakter zorgt ervoor dat ze haast onopgemerkt te werk gaat en het gevoel geeft niet tot last te willen zijn. Beetje bij beetje kom ik meer te weten over haar (dagelijkse) leven tijdens de lunch. Haar man is niet lang geleden overleden na een kort ziektebed en nu heeft zij de zorg voor haar twee dochters en de financiële last nu het inkomen van haar man is weggevallen. Een paar maanden voordat haar man ziek werd, moest het gezin verhuizen. Het gebouw waar ze tientallen jaren gewoond hadden, werd onbewoonbaar verklaard na de aardbeving van 2017. Dit gebouw, waar haar man conciërge was, staat tegenover het appartementengebouw waar ze elke dinsdagmiddag schoonmaakt. Ze woont nu met haar dochters 15 kilometer ten noorden, in een beduidend minder goede wijk dan Roma. De herinnering is pijnlijk en ze bekent dat ze liever niet elke week met haar oude leven wordt geconfronteerd. Het geld is echter hard nodig, en de loyaliteit naar mijn huisbaas toe zorgt ervoor dat ze is blijven schoonmaken. Mijn huisbaas helpt Elly met de administratie na het overlijden van haar man. Haar jongste dochter gaat nog naar dezelfde openbare school in de buurt, die goed aangeschreven staat en een prachtige ligging heeft aan het Cibelesplein. Ze brengt haar iedere dag naar school, gaat dan naar één van haar schoonmaakadresjes en haalt haar dan weer om 16:00 uur op. Ook op zaterdag maakt ze schoon. Het ene schoonmaakadresje ligt op een uur afstand, het andere op anderhalf uur. Als het verkeer meezit dan – wat het haast nooit doet in Mexico stad. Heel af en toe gaat ze naar haar geboortedorp dat op vier uur rijden met de bus ligt. Op zaterdagmiddag pakt ze de bus, om dan weer zondagmiddag terug te gaan.

Onze gesprekken op de dinsdagmiddag geven me altijd veel empathie voor haar situatie, en daarbij voor de vele miljoenen Mexicanen die van elke dag het beste proberen te maken in een stad die een wereld laat zien aan verschillende levensstijlen, inkomensniveaus, veiligheidssituaties en kansen.

Het gebouw waar ik nu woon en dat zij schoonmaakt, is opgekocht door een bank en zal over een paar weken ontruimd zijn. Het oude gebouw, met zo’n 20 appartementen dat bewoond worden door mensen met bescheiden inkomens staat gepland om gesloopt te worden. Ervoor in de plek komt vast een luxe en hoog appartementengebouw. In deze almaar hippere wijk van Mexico-stad zijn de huur- en koopprijzen enorm gestegen in de afgelopen jaren. Het had me dan ook niet moeten verbazen toen Elly zowat steil achterover sloeg toen ze probeerde te vissen naar de huur die wij voor een kamer betalen. Ik vroeg haar om een schatting te maken van onze kamerprijs. Haar antwoord was voor mij net zo verbazingwekkend als de mijne voor haar: ze schatte in dat ik 5 keer minder betaal dan ik daadwerkelijk doe. Na de mededeling dat ik wel wat weer betaal dan dat, was het haar beurt om een verbaasd gezicht te trekken. Het gaf weer eens duidelijk aan hoe ver ik afsta van de dagelijkse werkelijkheid van vele Mexicanen, ook al denk ik in vergelijking met vele inwoners van de wijk een krappe beurs te hebben. Behalve gezelschap, haar vriendelijkheid en goedlachsheid, geeft Elly me een kijkje in een andere wereld binnen mijn Mexicaanse wereld. Een wereld die zich veelal buiten mijn bubbel afspeelt. Deze kijk is nodig om Mexico te kunnen doorgronden, als dat al kan. Salvador Dali, niet de eerste de beste, wilde na een eerste bezoek aan Mexico niet meer terugkeren: “Ik kan het niet uitstaan in een land te zijn dat surrealistischer is dan mijn schilderijen”.